Ons dagelijks brood

Link naar dit artikel Op donderdag 2 februari 2006 geschreven door Jo Pinxt als gastschrijver van jeugdsentimenten.Het deeg voor zeven broden werd wekelijks bereid in een schoon geboend wit emaillen kinderbadje door mijn moeder. Met haar stevige knuisten beukte zij in op het deeg en haar trouwring die ik na 56 jaar nog steeds draag bleef er telkens als een soort stempel van eigen product in achter.

Tijdens de bereiding moest en mocht ik assisteren. Melk toevoegen, eieren aan de rand van het badje breken, en tot slot het opgeloste lauwe gist in het meelkuiltje gieten. Naar gelang de kleverigheid voegde ik er vervolgens nog meel aan toe.
Het meel verpakt in bruine zakken van vijf kilo werd betrokken van de plaatselijke bakker. Iedere bakker bakte toen nog warm. Koude bakkers bestonden niet. Die zelfde zakken werden nadien gebruikt voor het ontbijt naar school.

Zodra het deeg stevig genoeg was, werd het ingepakt in een blauwgeruite theedoek en aan de vier punten samen geknoopt. Stok er door en als knapzak sjouw ik de pungel een half uur lopend mee naar de bakker/school.
Als ik bij de bakkerij aan kom, gist mijn buik van het geplukte deeg, immers ook een kindermaag vraagt om voedsel. De geuren in de bakkerij zijn hemels.
Met bewondering kijk ik toe hoe de knechten met hun witte mutsen en blauwe sloof voor met vaardigheid de zwarte geroeste broodblikken met een ovenschieter het vagevuur in mikken. Om half een staat de bakkerswagen met paard en zeven bruine broden voor ons huis. Het bakkersloon wordt afgerekend en de herhaling is volgende week.

Nee, ik was niet gek op het baksel van mijn moeder. Liever at ik witbrood van de bakker zelf. Bovendien ging het aansnijden van dat lange en brede brood door mijn moeder met veel ceremonieel gepaard. Het brood werd eerst tussen de borsten geklemd. Met broodmes werd het daarna gezegend door er met mes een kruisje op te zetten. Daarna gleed het mes langzaam richting borsten (en mijn moeder had die).
Iedere keer als ik dit trauma beleefde als kind vroeg ik mij af wanneer moet ik jou naar de dokter brengen? Nooit dus, de zegening van het brood ging ook op voor de borsten van mijn moeder, immers zij lagen in het verlengde van elkaar.

Advertenties