geleenbeek.jpg  de Geleenbeek, voor ons de Meulenbeek nabij het bos

De zondag en het bos zijn in mijn jeugd onlosmakelijk bij elkaar verbonden. 

Na de kerkdienst, het lof  vertrekt ons gezin om 16.00 uur veelal met het gezin Hamers naar het Spaubekerbos. 

Vooraf zijn de zitdekens, de aanmaak ranja, de lege mosterd glazen en de Marie – biscuitjes ingepakt.

Ons feest begint onder de brug vlakbij het bos. Koekkoek schreeuwen en naar je echo luisteren.

Daarna begroeten we  Jesus met een kruisteken.jeugdopnames-20020122jp-015.jpg

Rechts van het pad naar het bos voor de onbewaakte overweg staat een Limburgse hoeve.Volgens overlevering het domein van de Bokkenrijders, die als roversbende Zuid – Limburg vroeger onveilig maakten.

jeugdopnames-20020122jp-018.jpg

Voorbij de boerderij ligt de Geleenbeek en daarachter de St. Janshoeve met waterrad. Hier wordt graan tot meel vermalen. jeugdopnames-20020122jp-024.jpg 

Achter de watermolen staat iets hogerop een kippenhok op palen. Er onder krioelt het van de waterratten, die hebben gratis voedsel.

De zandberg met zijn geel plakkerig zand is ons eerste speelobject. Naar boven klimmen en je naar beneden laten rollen en weer terug. Mijn moeder maakt zich om onze kleren nooit druk.Voor het vertrek krijgen we oude kleren aan.jeugdopnames-20020122jp-020.jpg

Als onze haren genoeg onder het zand zitten, gaat de tocht verder langs het moeras.

Het moeras heeft naast kikkers en gele dotters ook iets geheimzinnigs. Hier kun je zomaar in de grond zakken en sluit de zuigende aarde weer boven je hoofd. Niemand die je ooit nog vindt.

retraitehuis.jpg

Het retraitehuis, een bezinningsoort, ligt in het bos er een beetje verlaten bij.

Een karakteristiek stenen gebouw met een bolvormige kerktoren steekt er boven uit. Het grondgebied is afgezet met prikkeldraad.

Mijn vader gaat hier eenmaal per jaar drie dagen op retraite.

Als kind weet ik niet wat dit betekend. Later hoor ik dat dit georganiseerd wordt door de Katholieke Mijnwerkers Bond waarvan hij voorzitter is.

Ik vind het in ieder geval deftig klinken. Op retraite.

Als vader nadien thuis komt heeft hij een zwart – witte groepsfoto bij zich. Op de voorste rij zitten op stoelen

allemaal kapelaans, paters en pastoors. Daarachter staan op de oplopende trappen een dozijn mannen met het zelfde grauwe pak.

Wij mogen zoeken waar vader staat of zit. Dit is niet gemakkelijk, want zo groot is Jan niet.

Uiteindelijk vind ik hem helemaal links zittend op een stoel op de eerste rij. Ja, hij  moet toch wel belangrijk geweest zijn.

Het beukenpad langs het retraitehuis ligt als een uitgesleten karrenspoor diep verscholen in de grond, als het geregend heeft is de gele Limburgse klei spekglad en die glijbaan heeft iets.

Vervolgens gaat de tocht langs statige beukenbomen omhoog. Mijn naam moet vast nog wel in een van die bomen gekerfd staan.  

Boven gekomen hebben we tijdens de herfst onze broekzakken vol met beukennootjes.Tevens is hier het einde van het bos en kijk je uit over de glooiende weilanden van Swijkhuizen.

Links in de verte zie je het dorp Genout, rechts daarvan de kerk van Neerbeek.Helemaal rechts Geleen met op de achtergrond de Staatsmijn Maurits.steenberg-mijn.jpg

De gasketel en de steenberg nemen in dit panorama een prominente plek in en hebben iets van Oostenrijks landschap en een snelkookpan maar dan zonder steel. 

Het weiland is tevens pauze plek. De meegenomen dekens worden gespreid en wij krijgen ons glaasje ranja met een droog St. Marie. 

Hierna begint het koppeltje duiken. Je vouwt je samen tot een soort bal en rolt zo de heuvel af tot je er groen van ziet.

Voor mijn ouders is dit tevens het rustpunt.Immers zij weten dat we straks bekaf zijn. 

Als het zover is worden de dekens opgeruimd en gaan we omgekeerd het bos weer in. 

Al hollend en steil afdalend tussen de beukenbomen gaat het er om wie het eerst beneden is.Of mij dit ooit gelukt is weet ik niet, wel herinner ik me de schaafplekken op mijn knieën door het veelvuldig vallen. 

Via het achterom pad komen we in ons gehucht aan. Moe en voldaan wordt een boterham gegeten. 

Daarna wassen en naar bed. Met het zandmannetje in mijn haren droom ik die nacht van mijn lievelingsspeeltuin.

Vele jaren later wandel ik met mijn vrouw Marijke weer door het bos.

De speeltuin van toen is beduidend kleiner geworden in mijn beleving. Het retraitehuis is een verwaarloost gebouw waar mensen verblijven wachtend op een onzekere toekomst.

Alleen de bomen zijn hoe langer, hoe dikker geworden . 

En ik? 

In mijn hart en gedachten draag herinneringen mee aan een vervlogen speeltuin.                                        

Advertenties