Wie niet waagt, wie niet wint zegt een gezegde.

Beter vind ik, wie niet waagt zal zich nooit vrij voelen.

 Of is het eerste  toch juist en win je altijd door te wagen.

In ieder geval ben ik gisteren met schilderen een nieuwe techniek in geslagen, schilderen met paletmes.

Na drie jaar alleen penseel, ga ik nu meer  aan het stucadoorswerk beginnen.

De overwegende dames op de club zijn van mening dat dit mij meer ligt.

Of dit een compliment is zal over een jaar blijken tijdens de expositie.

Mijn echtgenote beperkt haar eerste reactie bij het zien van het resultaat.

Zo, met een nieuwe techniek bezig? 

Wie niet waagt, wordt nooit een van Gogh is mijn antwoord.

Exact 43 jaar geleden haal ik mijn rijbewijs. Gisteren valt er een boete van 54 euro binnen.

De tweede in mijn leven, maar ook nog met achterliggend doel sociaal ergens snel te willen zijn.

De flitser houdt hier terecht geen rekening mee, maar het blijft zuur geld.

Het beste is dit trauma zo snel mogelijk financieel maar te vereffenen, immers van die aanmaningen word je helemaal niet vrolijk.

Gelukkig zal de fietstocht vanuit Compostela in juni te Spanje naar Nederland geen flitser ons kunnen betrappen, maar door rood rijden als je moe bent kan een oplettend agent ook op gedachten brengen.

Een Jacobsschelp hangend aan je fiets samen met vlaggetjes van land en Vaticaan kan hem mogelijk  milder stellen, maar maandagochtend blijft in heel Europa een dag met een moeilijke start.

Het dragen ervan staat voor gelijke kleding binnen een groep met veelal een gemeenschappelijk doel al of niet gescheiden in rang of stand doormiddel van hoofddeksel, speld, balk of insigne.

Zelf ben ik nooit liefhebber geweest van uniformen, vandaar dat de verkennerrij mij als kind niet aansprak.

Als kloosterling  werd mij een uniform opgedrongen, daar werd het habijt of kloosterkleding genoemd.

Voor leken zagen wij er als een bruine massa uit, precies zoals de schepper het bedoeld had.

Vergeet het maar, zelfs in bruintinten kun je door het weglaten ervan onder de mantel der liefde rangen en standen aanbrengen. 

Wie dit niet geloofd gaat maar eens ten rade bij een schaapherder. Alle schapen zien er wollig uit en blaten even monotoom.

De schaapherder en zijn kudde weten wel beter.

Nu ik toch op de hei ben kom ik vanzelf terug bij het uniform.Deze week ontving ik van Staatsbosbeheer als a.s. vrijwillig heidegids mijn kleurrijk uniform.

Voor zover ik heb kunnen achterhalen, is dit het eerste uniform waar geen rangen en standen aan vast zitten.

De boswachter, en tevens opsporings- ambtenaar met een ander kleur uniform zegt welgemoed dames en heren voor de jeugd die jullie rond gaan leiden zijn jullie allemaal boswachter, die kijken niet op een streepje. 

Afwachten maar.

Hoewel ik besef dat het niet meest voor de hand liggend onderwerp is om over te schrijven werkt het laten ervan altijd bevrijdend.

Met name in het winterseizoen met stamppotten en maaltijd vullende soepen weten mijn ingewanden met de gassen wel raad.

Omdat ze onzichtbaar zijn maar wel het reukzintuig bij je zelf en de ander in vervoering brengen al of niet vergezeld met boosheid, humor, of vlucht gedrag  blijft de geur voor  ieder individu herkenbaar.

Mijn partner weet dan ook feilloos familie Pinxt geuren uit een panel te halen. Ze ruiken naar ongedesemd brood met een vleugje knoflook,  gegarneerd met gesnipperde bieslook.

Kan er mee door is mijn conclusie, ik ruik ze elders wel eens beroerder denkend aan het desstructie bedrijf passerend nabij Son en Breugel.

Nee geef mij maar de nostalgische speelfilms “Winden waaien om te rotsen” om daarna de slapen in ” Eeuwig zingen de bossen”.

Buiten is het genieten van bedrijvige en vrolijke kinderen druk  in de weer met hun slee vanaf een heuvel.

Het lijkt dat computer games na sneeuwval even niet meer bestaan en minimaal 30 min bewegen per dag met uren wordt overschreden.

Laat de winter nog maar even duren, kinderen komen dan vanzelf weer op het juiste gewicht.

En doen alle mama’s, papa’s, opa’s en oma’s  mee in het buiten spel dan is de sneeuwbal rond en worden alle generaties in gewicht  weer gezond.

Blij zou ik moeten zijn want veel is deze maand in kleding 30% afgeprijsd.

Toch blijft deze maand ondanks de lieve bedoelingen van Marijke een gang naar Calvarieberg.

Niet dat ik gedood wordt, maar het voelt toch als een lam dat naar de slachtbank gaat.

Immers al mijn vertrouwde doorrookte en gehavende kleding vanuit het verleden verdwijnt in plastic zakken om elders een nieuw leven te beginnen.

Met dit laatste heb ik vrede.

Wie weet zeg ik volgend jaar op vakantie tegen Marijke in Polen, kijk schat daar komt mijn kringloop me tegemoet, we kunnen dus best wel eens een jaartje over slaan.

Literair gezien geen hoogstandje wel culinair, en zeker bij een gevoels temperatuur van min 13 graden C wil menig schrijver graag bij mijn dis aanschuiven.

Ooit deelde ik die dis  ruim 30 jaar geleden al staand  op de plaatselijke braderie in de Olsterhof   met predikster en schrijver domina Betty Holtrop en schrijver  Harry Mulisch beide woonachtig  op landgoed kasteel Haere  te Olst, mijn toenmalige woonplaats.

Stamppot maak je dan ook in een hoeveelheid op binnen vallende gasten. Bij bereiding moet de kok dan ook het Bethlehem gevoel hebben.

Hollandse zuinigheid moet los gelaten worden en wie het daar moeilijk mee heeft, kookt een aantal aardappels extra mee, als het maar veel oogt.

Wie er echt voor gaat maakt een puree die er niet als Olvariet uit ziet. Je moet de gare stukjes aardappels proeven samen met de uitgebakken gerookte spekjes en de blauw aderige gesmolten kaas doordrenkt met rode port.

De  rauw gesneden andijvie meng je op het laatst met verse noodmuskaat door de puree.

Gecombineerd met een sucade lapje liefst twee dagen van te voren bereid en vergezeld met zilveruitjes, en augurk eet je als koningwinter.

Maar een snelle rookworst kan natuurlijk ook,  je eet dan als een prins maar ook die kan koning worden.

Januari is voor supermarkten de maand van hamsteren.

Voor mij persoonlijk is het een maand van voedselverwerking uit koelkast en diepvries. Immers in december heb ik genoeg gehamsterd.

Het woord “Bufferen” komt mij financieel beter uit.

De super zal  mij deze maand zeker zien maar zonder beurs op zak.

Al bufferend begin ik aan de koffiecorner vergezeld met een plak cacke.

Bij de vlees- en kaaswaren afdeling neem ik tot me wat er aangeboden wordt.

Tot slot nog een aantal stukjes aardbei en mango, immers je moet voldoende fruit eten. 

Het bufferen camofleer ik door dagelijks een andere super te nemen.

Immers door overname beleid liggen er drie binnen mijn fietsregio met exact dezelfde indeling, zoeken is er dan ook niet bij.

 

Cabaret staat als woord voor een afwisselend programma met conferences, liedjes, sketches, enz.

Waarschijnlijk hebben jullie net als ik, de afgelopen dagen Paul de Leeuw, Freek de Jong, Theo Maassen, Jan Jaap van der Wal en Joep van het Hek het t.v. scherm zien passeren.

Wie van hen de echte cabaretier is in de letterlijke zin van het woord, jullie mogen het me mailen.

95 % van alle teksten ging over anatomie van het onderlichaam.

Kut, lul, hol, neuken en aftrekken al of niet vergezeld met gebaren en geluiden, alsof we allemaal doof-stom zijn en nooit voorlichting gehad hebben krijgen we over ons heen.

Kortom rondom de jaarwisseling vindt er in Nederland een sexuele revolutie plaats en dit houdt geen kijkwijzer tegen ongeacht leetijd.

Het echte cabaret in ons land wordt net als 2009 voor een groot deel geschiedenis.

Hermanvan Veen, Gerard van de Maasakker, en nieuw opkomend talent met humor boven de gordel en ondeugend af en toe er onder maakt het nog boeiend.

In 2010 gedenken we dat Toon Hermans 10 jaar dood is. Drie keer heb ik hem mogen beleven in hart en emotie, tot op de dag van vandaag is hij echter nog springlevend.

 

Zoals geschreven in mijn voorgaand verhaal heb ik vanaf eerste Kerstdag tot en met Nieuwjaar me 27,5 miljoen euro rijk gedroomd.

Echter ons leven wordt gecontinueerd in 2010. Voor onze vrienden met  vier loten uit de postcode te Woensel in Eindhoven wordt dit een ander verhaal. 

In ieder geval kunnen wij tegen vrienden en bekenden zeggen dat we met hun samen oud-opnieuw gevierd hebben.

Wel begin ik  2 januari 10 euro rijker door toe doen van het Staatslot.

 En met het gratis nieuwsjaarsdrankje van de plaatstelijke horeca ondernemer en de koffie met cack bij de super mee gerekend hebben we deze dag toch nog 20 euro in de wacht weten te slepen.

Als dit de overige 363 dagen zo door gaat heb  ik toch al gauw 7.260 euro vergaard, en zeg ik alle loterijen op dan kom ik uit op ongeveer 8000 belastingvrij.

Nee geen hoofdprijs, maar wie wint er ieder jaar 8000 euro?

Archief